detail
Alma Mahler | Fünf Lieder
Gustav Mahler | Rückert-Lieder
Henry Duparc | liederen
Hector Berlioz | Les nuits d’été



Hector Berlioz schopte iedereen als criticus tegen de schenen. Zijn eigengereidheid ging samen met een onstuimig gevoelsleven en een grenzeloze fantasie. Toen hij de cyclus ‘Les Nuits d’été’ schreef leed hij hevig. Zijn huwelijk was mislukt.

Hector Berlioz | Les nuits d’été | FR


Villanelle
Le spectre de la rose
Sur les lagunes
Absence
Au cimetière
L’île inconnue


Villanelle

Villanelle


Als het nieuwe seizoen komt
Wanneer de kou is verdwenen
Dan zullen we samen, mijn lief,
De Lelietjes der Dalen gaan plukken
Onder onze voeten verzamelen
zich de paarlen van dauw
We zullen de merel weer horen zingen.


De lente is gekomen mijn lief
Het is de maand die door minnaars wordt gezegend
De vogel poetst zijn vleugels en zingt
Vanaf de rand van zijn nest
Oh! Kom mee naar dat bedje van mos
Om te spreken over onze mooie liefde
En zeg me met zachte stem: Voor Altijd!


Ver, ver weg van ons pad
Schrikken we een verscholen konijn op
En ook het hert dat in de spiegeling van het meer
Met peinzende blik zijn gewei bewondert.
Dan gaan we, gelukkig en tevreden op huis aan
En daar komen we aan, met verstrengelde vingers
Om het mandje heen waarin we de bos-aardbeitjes dragen.



De geest van de Roos

De geest van de Roos


Open je gesloten oogleden,
Aangeraakt door een maagdelijke droom
Ik ben de geest van de roos
Die je gisteren droeg op het bal.
Je plukte me, nog glinsterend
Met zilveren tranen van de waterkan
En op het door sterren verlichte feest
Pronkte je de gehele avond met me.

Oh jij die mijn dood veroorzaakte…
Zonder dat je me kunt verjagen
Zal ik elke avond naast je bed dansen
met mijn roze geest
Maar wees niet bang
Ik vraag niet om plechtige woorden of een dodenmis
Deze lichte geur is mijn ziel
En ik kom bij je vanuit het paradijs

Mijn lotsbestemming is benijdenswaardig
En om zo’n mooi lot te hebben
Zou meer dan één zijn leven gegeven hebben
Want jouw op borst is mijn tombe
En op het blanke albast waar ik lig opgebaard
Schreef een dichter met een kus:
Hier ligt een roos op wie
alle koningen jaloers zullen zijn.


Op de lagune

Op de lagune


Mijn schone geliefde is dood
Ik zal voor altijd huilen
Mijn ziel en mijn liefde nam ze
Met zich mee het graf in.
Naar de hemel, zonder op mij te wachten,
Is ze teruggekeerd.
De engel die haar hemelwaarts droeg
Wilde mij niet met zich meenemen.
Hoe bitter is mijn lot…
Ah! Zonder liefde de zee te bevaren!

Het blanke wezen
Ligt in een doodskist
De natuur om me heen
Lijkt met me mee te treuren
De vergeten duif huilt droomt van de afwezige
Mijn ziel huilt en voelt dat ze verlaten is.
Hoe bitter is mijn lot…
Ah! Zonder liefde de zee te bevaren!

Over mij valt de onmetelijke nacht
en spreidt zich over me uit als een doodskleed.
Ik zing mijn romance die alleen door de hemel wordt gehoord.
Ah! Hoe mooi was ze!
En wat had ik haar lief!
Ik zal nooit meer van een vrouw houden
Zoals ik van haar hield.
Hoe bitter is mijn lot.
Ah! Om zonder liefde te moeten varen over de zee.



Afwezigheid

Afwezigheid


Keer terug, keer terug, mijn beminde!
Net zoals de bloem die ver van de zon is
Is de bloem van mijn leven gesloten
Zo ver van jouw vermiljoenrode lach.

Wat een afstand tussen onze harten
Zoveel ruimte tussen onze kussen
Oh bitter lot! Oh brute afwezigheid
Oh! Onvervulde verlangens!

Keer terug, keer terug, mijn beminde!
Net zoals de bloem die ver van de zon is
Is de bloem van mijn leven gesloten
Zo ver van jouw vermiljoenrode lach.

Oh, tussen hier en daar, zoveel velden,
Zoveel stadjes en gehuchten,
Zoveel valleien en zoveel bergen
Om de voeten van de paarden te vermoeien.

Keer terug, keer terug, mijn beminde!
Net zoals de bloem die ver van de zon is
Is de bloem van mijn leven gesloten
Zo ver van jouw vermiljoenrode lach.



Op de begraafplaats

Op de begraafplaats


Ken je de blanke tombe
waar de schaduw van de Taxus
met een klaaglijk geluid zweeft?
In de Taxus zit een bleke duif
eenzaam en verdrietig te zingen
in de zonsondergang

Een morbide teder lied
Tegelijk betoverend en dodelijk
Een lied dat je verwondt en dat je
Tegelijkertijd voor altijd zou willen horen.
Een lied als de zucht uit de hemel
Geslaakt door een liefhebbende engel.

Je zou kunnen zeggen dat een ontwaakte ziel
onder de grond unisono huilt
met het lied
Omdat hij smartelijk is vergeten
en klaagt met een zacht koeren.


Op de vleugels van de muziek
Voelt men langzamerhand
een herinnering terugkeren,
een schaduw, een engelachtige gedaante,
Glijdt in een zacht glinsterende straal voorbij
Gehuld in een witte sluier

De ’s nachts bloeiende nachtschone, half gesloten,
Omhult je met hun zwakke en zoete geur
Terwijl de geest
in een vriendelijk gebaar
Zijn armen naar je uitstrekt en murmelt:
Je zult terugkeren…

Oh! Nimmer meer ga ik voorbij dat graf
wanneer de avond valt,
Gehuld zijn zwarte mantel,
om te luisteren naar
dat klagende lied van die bleke duif
in de top van die Taxus!



Het onbekende Eiland

Het onbekende Eiland


Zeg me jonge schoonheid
Waar wil je naar toe?
De zeilen bollen hun vleugel
De bries steekt op

De roeiriem is van ivoor
De vlag is van zijde
De helmstok van kostbaar goud
Als ballast heb ik een sinaasappel
Als zeil een engelenvleugel
Als scheepsmaat een serafijn

Zeg me jonge schoonheid
Waar wil je naar toe?
De zeilen bollen hun vleugel
De bries steekt op

Wil je naar de Baltische staten?
Naar de grote zuidelijke oceaan?
Of naar Java?
Of misschien naar Noorwegen
om de sneeuwbloem te plukken?
Of de bloem van Ansoka?

Zeg me jonge schoonheid, waar wil je naar toe?

Breng me, sprak de schoonheid,
Naar de trouwe kust waar men voor eeuwig
van elkaar houdt.
Die kust mijn lieve,
Is erg onbekend in het land van de liefde.

Waar wil je heen?
De bries steekt op……




Zaterdag 9 september 2017

Ellen Pieterse en Frank Fahner brengen Zwoele Zomernachten in de Kapel op ’t Rijsselt, Mettrayweg 25, Eefde